Zware rokers leven gemiddeld 13 jaar korter

Een op de vier zware rokers overlijdt voor de 65ste verjaardag. Van zware rokers (meer dan twintig sigaretten per dag) is de levensverwachting gemiddeld 13 jaar korter dan van nooit-rokers. Dit blijkt uit nieuw onderzoek van het CBS en het Trimbos-instituut over het verband tussen roken en sterfte.
Het onderzoek is gebaseerd op de enquête- en overlijdensgegevens van bijna 40 duizend20- tot 80-jarige respondenten uit de Gezondheidsenquête van 2001 tot en met 2006. Onderzocht is of en wanneer rokers en niet-rokers die in de periode 2001–2006 meededen aan de gezondheidsenquête, zijn overleden.
Uit dit onderzoek blijkt dat de roker al op relatief jonge leeftijd overlijdt. Naar schatting haalt 23 procent van de rokers die hun hele leven zwaar roken de leeftijd van 65 jaar niet. Van de lichte rokers overlijdt 11 procent, van de niet-rokers 7 procent vóór de 65-jarige leeftijd. Van zware rokers is de levensverwachting gemiddeld 13 jaar korter dan van mensen die nooit hebben gerookt. Matige rokers (minder dan twintig sigaretten per dag) verliezen naar schatting 9 levensjaren, lichte rokers (niet dagelijks roken) 5 jaren.

Kanker grootste oorzaak van de jonge overlijdensgevallen

Rokers overleden relatief vaak aan kanker, met name longkanker. Maar ook hart- en vaatziekten en ademhalingsziekten kwamen bij hen vaker voor. Zo overleed naar schatting 11 procent van de zware rokers vóór hun 65ste jaar aan kanker, 5 procent aan longkanker. Aan een hart- of vaatziekte overleed 5 procent. Van de nooit-rokers overleed 3 procent zo jong aan kanker en 1 procent aan een hart- of vaatziekte.

Stoppen loont

Stoppen met roken loont, op alle leeftijden. Ex-rokers die vóór 35-jarige leeftijd stoppen, hebben een vergelijkbare levensverwachting als nooit-rokers. Van rokers die rond hun 50ste stoppen, halveert het sterfterisico.

Vier op de tien overlijdensgevallen onder de 80 door tabak

Uit het onderzoek blijkt dat in Nederland in de afgelopen jaren 4 op de 10 overlijdensgevallen vóór leeftijd 80 zijn veroorzaakt door tabak.

Maar er wordt steeds minder gerookt. Zo’n vijftien jaar geleden stak 10 procent van de Nederlanders iedere dag minstens twintig sigaretten op, tegenwoordig is nog 4 procent een zware roker. Ook het aantal matige rokers is flink gedaald in deze periode, van 18 naar 14 procent. Het percentage niet-dagelijkse rokers ligt al jaren op 5 à 6 procent.

Longfonds: maak buitenzwembaden rookvrij

Bij de start van de schoolvakantie roept het Longfonds buitenzwembaden op om rookvrij te worden. In veel buitenzwembaden is roken op bijvoorbeeld de ligweides nog heel normaal. Longfonds directeur Michael Rutgers: “Het buitenzwembad met veel spelende kinderen is juist een plek waar rookvrij de norm zou moeten zijn. Met het stappenplan rookvrij spelen hopen we dat zwembaden hier deze zomer nog mee aan de slag gaan.”

Hoewel het bij veel buitenzwembaden nog heel gewoon is dat er gerookt wordt, ziet het Longfonds dat er steeds meer Nederlanders voorstander zijn om plekken waar kinderen spelen rookvrij te maken. Dat geldt niet alleen voor de speeltuin en kinderboerderij, maar ook voor een speelplek als het buitenzwembad. Uit onderzoek uitgevoerd door Kantar Public in opdracht van KWF Kankerbestrijding (2017) blijkt dat bijna de helft van de Nederlanders (48%) voorstander is van een rookvrije speel- en ligweide bij het zwembad. In 2009 was dit nog minder dan een kwart van de mensen (23%). Longfonds directeur Michael Rutgers: “We zijn blij om te merken dat er steeds meer steun komt om dit soort omgevingen rookvrij te maken. De longen van jonge kinderen zijn nog kwetsbaar en volop in ontwikkeling. Naast peuken op de grond, zijn de risico’s vooral meeroken en voorbeeldgedrag: zien roken, doet roken.”

Voorbeelden
Inmiddels is er een handvol zwembaden die al maatregelen heeft genomen om roken terug te dringen. Een goed voorbeeld is buitenzwembad de Houtvaart in Haarlem. Dit zwembad heeft vorige zomer besloten om rookvrije maatregelen te nemen. Zo is rondom het zwembad en op de ligweide niet meer toegestaan om te roken. Onno Visser, bedrijfsleider van het zwembad: “Wij hebben dit ingesteld omdat er erg veel kinderen en ook ouderen gebruik maken van ons mooie buitenbad. Wij vinden het belangrijk om onze bezoekers niet in aanraking te laten komen met rook. Zwemmen staat voor beweging, plezier en een gezonde leefstijl en daar past een rookvrij openlucht bad uitstekend bij.” Een ander voorbeeld van een zwembad dat recent rookvrije maatregelen heeft genomen is het Twentebad in Hengelo. In een groot deel van het buitenzwembad is roken niet meer toegestaan. Roken mag alleen nog op het achterste gedeelte van de ligweide. Badmanager Ilija Melisie: “We hebben nu de eerste stap genomen. De komende jaren willen we de rookzone verkleinen. Onze hoop is nu dat meer zwembaden gaan volgen.

Stappenplan
Het Longfonds stimuleert zoveel mogelijk plekken waar kinderen spelen, zoals speeltuinen, kinderboerderijen en ook buitenzwembaden om ook zelf aan de slag te gaan om rookvrij te worden. Daarvoor heeft het Longfonds een speciaal stappenplan rookvrij spelen ontwikkeld. De eerste 25 rookvrije buitenzwembaden die zich bij het Longfonds melden, krijgen gratis twee rookvrije borden. Meer informatie op: www.longfonds.nl/rookvrij-spelen.

Rookvrije Generatie
De beweging ‘op weg naar een Rookvrije Generatie’ is een initiatief van het Longfonds, de Hartstichting en KWF Kankerbestrijding. Met een groeiend aantal partijen en personen werken we toe naar een samenleving waarin opgroeiende kinderen worden beschermd tegen tabaksrook en de verleiding om te gaan roken. Dat lukt als we samen het goede voorbeeld geven en de omgevingen waar kinderen komen rookvrij maken. Iedereen kan iets doen. Zo gaan we samen op weg naar een Rookvrije Generatie.

Antibiotica ten onrechte voorgeschreven bij longaanval

Antibiotica worden geregeld voorgeschreven bij een longaanval, de plotselinge benauwdheid waarmee veel COPD-patiënten te maken hebben. Maar antibiotica hebben daarbij geen effect, zo blijkt uit onderzoek van het Academisch Medisch Centrum (AMC) in Amsterdam. ‘Bij mensen die niet in het ziekenhuis opgenomen hoeven te worden, is er dus geen reden om antibiotica te geven. Het is belangrijk om onnodig antibioticagebruik te voorkomen om resistentie tegen te gaan’, aldus onderzoekster Patricia van Velzen. De resultaten werden onlangs gepubliceerd in het Britse medische tijdschrift The Lancet Respiratory Medicine.

Longaanval bij COPD
COPD (Chronic Obstructive Pulmonary Disease) is een verzamelnaam voor ziekten waarbij de longen chronisch ontstoken zijn. De longen zijn daardoor blijvend beschadigd. Door COPD wordt ademen moeilijker en inspanning lastiger. In Nederland lijden meer dan 600.000 mensen aan deze chronische ziekte. Veel COPD-patiënten krijgen te maken met longaanvallen (zogeheten COPD-exacerbaties), waarbij ze het plotseling veel benauwder krijgen. Zo’n longaanval duurt een paar dagen en is soms levensbedreigend. De oorzaak is vaak een infectie met een virus of bacterie. Een longaanval wordt behandeld met corticosteroïden, stoffen die de luchtwegen verwijden en ontstekingen remmen.

Antibiotica
Daarnaast worden vaak antibiotica gegeven, zeker als het opgehoeste slijm op een infectie wijst. Patiënten vragen daar ook geregeld om. Er waren aanwijzingen dat antibiotica ervoor zorgt dat een volgende aanval langer uitblijft, maar dit is nooit systematisch getest.

Patricia van Velzen heeft dit nu met haar collega’s onderzocht bij 305 patiënten die met hun longaanval niet in het ziekenhuis hoefden te worden opgenomen. De helft van deze groep kreeg het antibioticum doxycycline bij een longaanval, de andere helft niet. De patiënten werden daarna bijna twee jaar gevolgd. In die tijd kreeg 85% een tweede aanval. In tegenstelling tot wat eerder werd gedacht, bleek het antibioticum geen effect te hebben op het tijdstip van de tweede aanval. Die kwam net zo snel als bij de patiënten die geen antibioticum kregen. Wel zorgde het antibioticum er in een klein aantal gevallen voor dat een longaanval beter werd onderdrukt. Maar bij 10 van de 11 patiënten heeft het geen enkel effect. Voor een klein positief effect moet je dus veel mensen voor niets antibiotica geven. ‘Dat is reden om terughoudend te zijn met antibiotica’, aldus Van Velzen.